>

Eigen teksten

24 oktober 2020

De appel (Onbekend)

EET NOOIT APPELS MEER!

Adam leefde lang geleden,
eenzaam in de tuin van Eden,
met de zegen van de Heer,
wat verlangt een mens nog meer.
Hij liep lekker in z'n blootje,
baadde zon en baadde pootje,
in het water van de beek,
zeven dagen van de week.

Adam leefde zonder zorgen,
tot dat hij op zekere morgen,
plotseling ontdekte dat
ieder dier een vrouwtje had!
Hij zei: “Heer, ik wil niet klagen,
maar ik zou U willen vragen
onderdanig en beleefd,
of U ook voor mij een vrouwtje heeft”.

'Goed', zei God, 'ik zal mijn best doen’,
‘maar dan moet jij zelf de rest doen.
Ik zal zorgen voor een vrouw,
die haar leven deelt met jou'
Adam liep van pret te zingen,
hij kocht twee verlovingsringen.
Prijs de Heer, ik krijg een wijf,
al kost 't me een rib uit 't lijf.'

En toen Adam lag te slapen,
heeft de Heer de vrouw geschapen,
't Was een droom van elke man,
alles d'r op en alles d'r aan.
En ze leefden heel tevreden,
samen in de tuin van Eden.

Totdat op zekere dag,
Eva de boom met appels zag,
Eva dacht: 'Wat kan het schaden
aan zo'n boom zo volgeladen.
Ofschoon de Heer het mij verbiedt,
mist men een, twee appels niet.'

Eva brandde van verlangen
toen zij al dat fruit zag hangen,
Ze nam een hap terwijl ze zei:
An apple a day keeps the doctor away.

Toen was 't gedaan het mooie leven
Het paradijs werd opgeheven,
Door een appel, zo ik weet,
werken wij ons nu in 't zweet,
Door het eten van die appel,
werken wij ons nu te sappel:
Het is daarom dat ik beweer:
Snoep verstandig, eet een peer!'


Aangedragen door Onbekend
Terug
 
Meer informatie   ANBI-register Doopsgezinde Gemeente Apeldoorn
contact maandblad privacy
routebeschrijving nieuwsbrief disclaimer
veelgestelde vragen inloggen colofon
2021 Doopsgezind.nl